Menen in 1690

Een vestingstad gevormd door water, muren en macht De afbeelding toont Menen zoals de stad er rond 1690 uitzag: niet als een open stad, maar als een volledig uitgebouwde vesting, ontworpen om stand te houden in een tijdperk van bijna voortdurende oorlog. Dankzij een historische maquette uit de 17e eeuw, vandaag bewaard in het Musée des Plans-Reliefs in het Palais des Beaux-Arts de Lille, beschikken we over een uitzonderlijk nauwkeurig beeld van Menen in deze periode. De hier getoonde afbeelding is een hedendaags ingekleurde interpretatie van die maquette.

STADSCENTRUMVESTINGSMUREN

Een Franse grensvesting

Na de verovering door Frankrijk tijdens de Devolutieoorlog (1667–1668) maakte Menen in 1690 deel uit van het Franse koninkrijk. De stad lag op een strategische grenspositie, tussen de Spaanse Nederlanden en het Franse kerngebied rond Rijsel. Hierdoor werd Menen opgenomen in de noordelijke verdedigingsgordel van Frankrijk.

De ligging aan de Leie versterkte dit strategisch belang: de rivier fungeerde tegelijk als natuurlijke barrière, transportas en onderdeel van het verdedigingssysteem.

Vestingbouw volgens de principes van Vauban

De vestingstructuur die op de afbeelding zichtbaar is, werd uitgebouwd volgens de modernste inzichten van de 17e-eeuwse vestingbouw, verbonden aan de naam van Sébastien Le Prestre de Vauban.

Kenmerkend zijn:

  • de stervormige omwalling

  • massieve aarden bastions

  • brede, natte grachten

  • ravelijnen en buitenwerken

Alles was gericht op één doel: het zo moeilijk mogelijk maken voor een belegeraar om de stad te bereiken, laat staan in te nemen.

Vier stadspoorten, streng gecontroleerde toegang

Op de afbeelding herkennen we duidelijk de vier stadspoorten van Menen, elk gericht op een belangrijke regionale as:

  • Onderaan in het midden: de Brugsepoort

  • Rechts: de Ieperpoort

  • Helemaal bovenaan: de Rijselpoort

  • Links: de Kortrijkse poort

Deze poorten waren zwaar versterkte complexen met poortgebouwen, bruggen en wachthuizen. Ze vormden de enige toegangen tot de stad en stonden permanent onder militaire controle. Menen was in 1690 geen open handelsstad, maar een streng bewaakte garnizoensplaats.

Water als sleutel tot de verdediging

Wat de vesting van Menen bijzonder maakt, is het doordachte gebruik van water. Rond de stad zien we een vrijwel ononderbroken waterring, het resultaat van bewuste waterbeheersing.

De Geluwebeek

De Geluwebeek werd afgedamd en gestuurd om de vestinggrachten te voeden en zo overal water rond de stad te creëren. De beek:

  • liep onder de vestingmuur door

  • maakte integraal deel uit van het verdedigingssysteem

Opmerkelijk is dat dit tracé vandaag nog tastbaar is: op de plaats waar de beek onder de muur liep, bestaat nog steeds een doorgang voor voetgangers, die vandaag als doorsteek naar het Brouwerspark wordt gebruikt.

Het Brouwerspark: van militair eiland tot groene ruimte

Waar zich vandaag het Brouwerspark bevindt, lag in 1690 een kunstmatig aangelegd eiland:

  • volledig omringd door water

  • voorzien van een extra verdedigingsmuur

  • onderdeel van de buitenste vestingwerken

Dit eiland diende om vijandelijke troepen te vertragen en onder vuur te nemen vóór zij de hoofdwal konden bereiken. Wat nu een plek van rust en ontspanning is, was toen een actief militair obstakel.

De Leie als natuurlijke barrière

Naast de kunstmatige waterwerken speelde ook de Leie een cruciale rol. De rivier:

  • fungeerde als natuurlijke gracht

  • werd mee ingezet voor inundaties

  • diende als bevoorradings- en transportroute

Samen met de Geluwebeek, de grachten en de onder water gezette weilanden vormde de Leie een bijna gesloten watergordel rond Menen.

Een stad in tijden van oorlog

Rond 1690 woedde de Negen jarige oorlog. Vestingsteden zoals Menen waren essentieel in deze Europese machtsstrijd. De stad was permanent bezet door Franse troepen en leefde in voortdurende staat van paraatheid.

Binnen de muren bevond zich een compacte stad met:

  • smalle straten

  • bakstenen huizen met rode pannendaken

  • kerken en stadstorens

  • kazernes, opslagplaatsen en wachthuizen

Het stedelijk leven stond volledig in het teken van de vesting.

Een verdwenen vesting, opnieuw zichtbaar

In de 19e eeuw werden grote delen van de vesting gesloopt en verdween het militaire karakter uit het stadsbeeld. Wat rest zijn fragmenten, straatnamen en waterlopen. Dankzij de historische maquette en hedendaagse reconstructies kunnen we vandaag opnieuw begrijpen hoe indrukwekkend Menen rond 1690 was.

Deze afbeelding toont een stad die:

meer vesting dan woonplaats was,
meer militair systeem dan open stad.

Een cruciale schakel in de verdediging van een continent, vandaag opnieuw zichtbaar gemaakt.

Een vesting die nog steeds leesbaar is in het stadsbeeld

Hoewel de vesting van Menen grotendeels verdwenen is, leeft ze vandaag nog duidelijk voort in de stad. Verschillende delen van de oude vestingwerken zijn bewaard en in ere hersteld, zoals in Park Ter Walle en aan de Blekerijvesting. Andere stukken liggen minder zichtbaar, verscholen achter bebouwing of geïntegreerd in het dagelijkse stadsweefsel.

Tegelijkertijd is een groot deel van de vesting onherroepelijk verdwenen. Toch laat het verleden zich niet volledig uitwissen: het straatpatroon van het historische centrum verraadt nog steeds de contouren van muren, grachten en bastions. Bochten, open ruimtes en onverwachte lijnen volgen vaak exact het tracé van vroegere verdedigingswerken.

Wie vandaag door Menen wandelt, beweegt zich dus nog altijd — vaak onbewust — langs de lijnen van een voormalige vestingstad. De muren zijn grotendeels weg, maar hun afdruk in de stad is gebleven.

Kaart van Menen met vestingen uit 1711